Mensen

Ambachten

Een werkplaats waar wordt doorgewerkt terwijl jij oefent.

Een steenhouwerij in de open lucht met onvoltooide chatsjkars van tufsteen
gemiddeld · 2/5

In één oogopslag

Duur
3–5 uur
Seizoen
Maart tot november
Regio
Gjoemri, Aragatsotn, Syunik
Groep
1–6
Prijs
op aanvraag

Elke route wordt anders samengesteld — de prijs berekenen we zodra je het vraagt.

Conditie

Drie tot vijf uur zittend of staand aan een werkstuk; handen en onderarmen merken het de volgende dag.

Waarom deze maanden

Van december tot februari raden we het af: met klamme vingers aan de beitel of aan de knoop wordt ambacht heel snel frustratie.

Wat je in Armenië te wachten staat

De eerste slag gaat mis, en de tweede ook. De beitel staat te steil, het tufsteen breekt uit in plaats van af te springen, en van de geplande lijn wordt een kerf met rafelige rand. Na een uur heb je een ondiepe groef van tien centimeter en respect voor mensen die daar vlechtwerk van maken. De steenhouwer naast je zegt er niets over; hij draait je beitel dertig graden vlakker en gaat verder.

De werkplaatsen waar we heen gaan, zijn werkplekken. Er loopt geen demonstratie, er loopt de ochtend die de steenhouwer toch had gehad, en jij zit ernaast en doet mee. Dat is ongemakkelijker dan een showwerkplaats en de reden waarom er iets blijft hangen.

Er wordt aan twee dingen gewerkt. De chatsjkar, de Armeense kruissteen: zacht tufsteen, een steenhouwer die zonder voorbeeld werkt, en een patroon dat zich nooit herhaalt omdat het nooit twee keer is getekend. En het tapijt: een raamweefgetouw, wol in kleuren van meekrap, walnootbast en uienschil, en knopen die een weefster in een seconde legt en jij in tien.

Wol is het deel dat de meesten onderschatten. Voordat er wordt geverfd, wordt er gewassen, gekamd en gesponnen, en de geur van warme, vochtige wol zit tot 's avonds in je jas. Meekrap geeft geen rood dat eruitziet als gekocht rood; het trekt naar steenrood en wordt over de jaren lichter in plaats van bleker.

Er wordt gewerkt met het gereedschap van de werkplaats en volgens haar regels. Een veiligheidsbril bij het beitelen is verplicht, omdat tufsplinters vlak wegvliegen, op ooghoogte. Het stof is het tweede punt: steenstof hoort niet in de longen, daarom werken we bij de open deur.

Je werkstuk is zelden toonbaar. Een handpalmgroot stuk tufsteen met een scheve lijn erin, een stukje weefsel van vier centimeter. Allebei interesseert de douane niet en ligt er tien jaar later nog.

Een duduk wordt uit abrikozenhout gewerkt, krullen op de werkbank
Gjoemri, Aragatsotn, Syunik
Een Armeens tapijt in wording op een staand houten weefgetouw
Maart tot november
Ongeglazuurd aardewerk droogt op een ruwe houten plank
Ambachten

Inclusief

  • Werkplaatsbezoek met meewerken
  • Materiaal
  • Vertaling
  • Je werkstuk om mee te nemen

Niet inclusief

  • Vervoer
  • Gekochte stukken uit de werkplaats

Zelf meenemen

  • Kleding die stoffig mag worden
  • Korte nagels voor het knopen
  • Eigen veiligheidsbril als je die gewend bent

Wij verzorgen

  • Veiligheidsbril
  • Beitels en klopper
  • Schort
  • Weefraam en wol

Veiligheid en weer

Als het weer niet meewerkt

Vocht verandert het materiaal. Nat tufstof plakt gereedschap en werkstuk aan elkaar, en wol die op een regendag is gewassen, is dezelfde dag niet meer te spinnen. Bij aanhoudende regen verschuift het zwaartepunt van de steen naar het weefraam — beide staan onder dak, maar maar één ervan werkt droog.

Hoe wij je beschermen

Tufsplinters vliegen bij het beitelen vlak weg, daarom is de veiligheidsbril verplicht en geen aanbeveling, ook voor toekijkenden in dezelfde ruimte. Steenstof blijft in de longen: we werken bij de open deur, en er wordt niet geschuurd in een gesloten ruimte. Aan het weefraam is de schaar het enige scherpe gereedschap, en die ligt buiten het bereik van kinderen.

Klinkt dit als jouw dag?

Vertel ons wat je aanspreekt — we bouwen het in je reis in of plannen het apart.

Reis aanvragen